Curator onderzoekt bestuurdersaansprakelijkheid

VRIEZENVEEN -  Op 12-12-2019 is Hof Tweewielers B.V. te Vriezenveen (Overijssel) door de rechtbank in Overijssel failliet verklaard. Als curator is aangesteld mr J. Engels. Het insolventienummer van deze zaak is F.08/19/352. Er zijn (nog) geen verslagen beschikbaar. Iedere woensdag spreekt de rechter een aantal faillissementen uit en deze keer was er dus ook een bedrijf uit Twenterand bij betrokken.

De fietsenwinkel stond enige weken geleden al voor de rechter in Almelo vanwege een forse huurachterstand. Pandeigenaar Holland Immo Group (HIG) heeft nog ruim 41.000 euro huur – inclusief boetes en rente - tegoed van de fietsenwinkel aan het Westeinde. De rechter oordeelde in kort geding, dat Hof Tweewielers het winkelpand moest verlaten. 

De gevolgen van een faillissement zijn in de meeste gevallen groot, niet alleen voor de direct betrokken eigenaar van een eenmanszaak of de eigenaren van een vof of de directeuren/aandeelhouders van een BV, maar ook voor de mensen of bedrijven die nog geld te goed hebben van het failliet verklaarde bedrijf. Het komt namelijk regelmatig voor dat met name de kleine bedrijven die vorderingen hebben op zo'n bedrijf hierdoor ook financieel in de problemen komen. Ook komt het steeds vaker voor dat er bij een faillissement sprake is van bestuurdersaansprakelijkheid. Dat is niet zo vreemd, want een curator is namelijk wettelijk verplicht uit te zoeken of bestuurders mogelijk aansprakelijk kunnen worden gesteld voor een faillissement. 

Bij een faillissement van een BV is artikel 2:248 BW van groot belang. Op grond van artikel 2:248 lid 1 BW is iedere bestuurder van de BV jegens de boedel hoofdelijk aansprakelijk voor het faillissementstekort, indien het bestuur zijn taak kennelijk onbehoorlijk heeft vervuld en aannemelijk is dat dit een belangrijke oorzaak is van het faillissement van de BV.

Een curator moet kunnen bewijzen dat er sprake is van een kennelijk onbehoorlijke taakvervulling van bestuurders. Echter, op grond van artikel 2:248 lid 2 BW gelden er tevens bewijsvermoedens. Als het bestuur bijvoorbeeld niet heeft voldaan aan de deponeringsplicht of administratieplicht staat vast dat het bestuur zijn taak kennelijk onbehoorlijk heeft vervuld en wordt vermoed dat deze onbehoorlijke taakvervulling een belangrijke oorzaak is van het faillissement. Het bewijsrisico of de bewijslast komt daarmee te rusten bij de bestuurder. In de praktijk wordt door curatoren veelvuldig een beroep gedaan op deze bewijsvermoedens. 

De wetten zijn aangescherpt en dat was nodig ook, want er werd veelvuldig misbruik gemaakt van de mogelijkheden om na een faillissement door te starten, waarbij de crediteuren het nakijken kregen. Er zijn zelfs bedrijven die zich gespecialiseerd hebben om een bedrijf voor te bereiden op een dreigend faillissement, waarbij een groot deel van de activa vooraf onttrokken wordt aan de boedel en gebruikt kan worden in bijvoorbeeld een doorstart en de crediteuren het nakijken hebben. Het is tegenwoordig allemaal, en dat is maar goed ook, echter wel wat strenger en anders geregeld dan vroeger, maar dit soort zaken komen nog steeds voor. Het faillissement van Eurocommerce is daar een goed voorbeeld van. 

Dat de eigenaren van de drie BV's die afgelopen woensdag failliet werden verklaard: Hof Tweewielers, Hof Administraties en Hof Holding in Vriezenveen, daarom wijzen naar de leverancier van de verkochte elektrische fietsen, als één van de belangrijkste oorzaken van het faillissement is dan ook niet zo vreemd. Eigenaren zullen namelijk niet vaak uit zichzelf aangegeven aansprakelijk te zijn voor een faillissement. Het faillissement is aangevraagd door de eigenaren zelf, dus als een verassing kan dit voor hen niet zijn gekomen. 

Het is nu aan curator mr. Jan Engels om uit te zoeken of er sprake is van bestuursaansprakelijkheid of niet. Overigens zelfs als dit het geval zou zijn, is het nog maar de vraag of de crediteuren nog iets terug zien van hun vorderingen die bij elkaar 123.000 euro bedragen. Veel activa schijnt er namelijk niet aanwezig te zijn. Mogelijk dat zelfs de aanwezige voorraad fietsen niet tot de boedel behoren en door de leverancier in consignatie zijn verstrekt. Maar dit soort zaken tot de bodem uitzoeken valt uiteraard ook onder de taken van de aangestelde curator. Over bodem gesproken, als de belasting nog vorderingen heeft op Hof Tweewielers kan er bodembeslag worden gelegd en dan is het nog maar de vraag, wat er over blijft van mogelijke consignatie afspraken. Overigens is het wettelijk verboden om als leverancier goederen die niet betaald zijn na een uitspraak van een faillissement zelf terug te (laten) halen.

Of de eigenaren van Hof Tweewielers echter persoonlijk aansprakelijk worden gesteld voor het faillissement, daarover is op dit moment nog niets te zeggen en gelukkig is niemand in Nederland schuldig als dit niet afdoende bewezen kan worden. Maar als hier de bewijslast omgedraaid wordt en de eigenaren dus zelf zullen moeten bewijzen dat ze niet aansprakelijk zijn voor dit faillissement, wordt het er allemaal niet makkelijker op. Zij zijn tenslotte verantwoordelijk voor het inkopen en verkopen van  de elektrische fietsen, waarvan dan kennelijk de fabrieksgaranties niet deugden en zij hebben de huurschuld laten oplopen tot ruim 41.000 euro. Zeker is dat curator Engels gaat onderzoeken wat de rol van de bestuurders is in dit faillissement. Wat echter ook zeker is dat een faillissement, ook in dit geval, alleen maar verliezers oplevert en altijd veel ellende brengt voor iedereen die er bij betrokken is. Mogelijk met als enige uitzondering de curator.


«   »